Een theater als wereld
Terwijl autoritaire regimes terrein winnen, worden uitsluitingsmechanismen de norm. Maar tegenover deze uitwassen houdt het lichaam stand – ook al is dat lichaam het eerste doelwit zodra het afwijkt of simpelweg zichtbaar is. Het lichaam is datgene wat niet volledig toegeeft: het is wat weerstand biedt, wat het woord neemt, wat danst, liefheeft en nieuwe manieren kan verzinnen om samen te zijn.
Vijf jaar geleden opende mijn eerste seizoen onder het motto Hypercorps. Vandaag, aan de vooravond van mijn tweede mandaat aan het hoofd van Théâtre National Wallonie-Bruxelles, wordt die intuïtie bevestigd. Het project nestelt zich voortaan in een langere tijdspanne – tien jaar – om een duidelijke intentie verder uit te diepen: van het theater een plek maken waar lichamen ertoe doen. Vrije, onverschrokken lichamen. Lichamen die eigenzinnig zijn, maar ook verbonden. Lichamen als een wereld op zich. Naar het beeld van Brussel, een stad als een wereld op zich. Ons theater lijkt op de stad omdat het geworteld is in een eigen creatieve bodem, maar tegelijkertijd volop over de grenzen heen kijkt om andere artistieke horizonten te verkennen.
Een theater van de ontmoeting
De identiteit van een podium laat zich niet dicteren. Ze wordt opgebouwd door de mensen die er wonen en werken: de teams, de geassocieerde en uitgenodigde kunstenaars, en het publiek. Al vijf jaar lang groeit de overtuiging om van het Théâtre National een theater van de verbinding te maken. Dat vraagt om creatievormen die poreuzer zijn; hybrides tussen disciplines, generaties, kunstenaars en toeschouwers, en vooral: tussen het podium en de stad.
Een theater waar experimenteren een concrete praktijk is. Verhalen worden niet langer enkel vanaf de scène overgebracht, ze circuleren midden in de stad en richten zich tot iedereen. Het festival À la scène comme à la ville is daar het bewijs van: buiten onze muren ontstaan nieuwe impulsen die een ander publiek ontmoeten en pas daarna hun definitieve vorm vinden. CRUSH voedt die honger naar ontdekking. Vier Brusselse huizen – Théâtre National, Théâtre les Tanneurs, Varia - Théâtre & Studio en le Rideau – slaan voortaan de handen in elkaar voor dit gezamenlijke 'coups de cœur'-festival, gewijd aan de Franstalige Belgische creatie.
Het lichaam dat verwelkomt
De identiteit van een theater wordt ook bepaald door wie je tegenkomt zodra je de drempel overstapt: het onthaalteam, onze publieksbegeleiders. Hun aanwezigheid kleurt de ervaring, want zij zijn het die zich van meet af aan over het publiek ontfermen. Die toewijding wordt dit seizoen extra in de verf gezet – en zelfs in scène gezet – door een samenwerking met styliste Kenza Taleb Vandeput en de Londense modefotograaf Jordan Core voor ons campagnebeeld.
Verbindingen die verder uitgediept worden
Op het vlak van de programmering maken we met deze nieuwe cyclus geen tabula rasa; we bouwen voort op de voorgaande jaren en de duurzame banden die we toen hebben gesmeed. Zo hernemen we Une tentative presque comme une autre van de broers Papachristou, een voorstelling uit mijn allereerste seizoen. De herneming staat symbool voor de blijvende dialoog met kunstenaars die hun stempel op dit huis hebben gedrukt. Ook Fabrice Murgia maakt een een langverwachte rentree, en Anne-Cécile Vandalem start een nieuwe creatiecyclus waar we met veel verwachting naar uitkijken. Geassocieerd kunstenaar Joëlle Sambi neemt een bijzondere plek in met een nieuwe versie van Maison Chaos en de tekst die ze samen met Anne-Cécile Vandalem schreef voor La Fête.
De nieuwe poule van geassocieerde kunstenaars – Justine Lequette, Joëlle Sambi, Ayelen Parolin, Gaël Santisteva en Rébecca Chaillon – bestendigt bovendien de sterke band met het Théâtre National en hun eerdere projecten op onze podia.
Repertoire en dans
Dit seizoen neemt het repertoire een prominente plek in: Christophe Sermet, Aurore Fattier en Eline Schumacher herlezen iconische teksten van onder meer Shakespeare en Feydeau. Ze schudden de klassiekers wakker zonder ze uit te wissen of de eigenheid van de auteurs aan te tasten. Ook de dans keert terug met groots opgezette producties. Denk aan de Dresden Frankfurt Dance Company met William Forsythe en Thomas Hauert, de rentree van Anne Teresa De Keersmaeker met Ictus en Bl!ndman — die het vroege werk van Philip Glass vertolken — of de Urban Dance Caravan, die in korte tijd is uitgegroeid tot een van de hoogtepunten van de seizoensstart.
Buiten de lijnen
Naast de grote namen ondergaan dit seizoen ook de conventies van de voorstelling zelf een gedaanteverandering. In ECHO van Nassim Soleimanpour stapt de vertolker het podium op zonder de tekst te kennen – net als het publiek. De ervaring ontstaat ter plekke, in het moment. Guy Cassiers zorgt dan weer voor een frisse wind door een nieuwe generatie artiesten te confronteren met die van gisteren. Ook hier wordt het theater een laboratorium: het bevraagt de ongeschreven regels van het theater en doorbreekt soms de 'vierde wand' om een directere, levendigere band met het publiek te smeden.
De onderwerpen zijn soms zwaar, maar toch zindert er een energie van lucide vreugde door het seizoen. Het is de vreugde die we collectief ervaren wanneer een zaal samen lacht of meeleeft, wanneer een bewegend lichaam de ruimte opent, of wanneer een gedeeld – of juist schurend – verhaal ons met elkaar verbindt.
Pierre Thys, algemeen en artistiek directeur van het Théâtre National Wallonie-Bruxelles